Waarom Juha Kankkunen zijn rijschool begon

Hoe idioten op de weg Juha Kankkunen inspireerden een rijvaardigheidsschool te beginnen

Juna Kankkunen Bentley Continental (2011)
Juna Kankkunen Bentley Continental (2011)

De carrièreswitch van rallycoureur naar ijsrij-instructeur was niet per se iets waar Juha Kankkunen op had aangestuurd, het is eigenlijk door de omstandigheden zo gekomen. Zijn twee kinderen werden geboren toen Juha nog professioneel racete. Soms zaten ze bij hem in de auto, in het gewone verkeer, en dan viel het hem vaak extra op hoe gevaarlijk sommige ­mensen reden als het slecht weer was. Hij dacht toen: ‘Ja, maar wacht eens even. Mijn kinderen zitten op de achterbank, en een of andere idioot kan ons elk moment aanrijden.’

Ik begon na te denken over een oplossing

Ik kreeg zodoende het idee om mijn vaardigheden als rallyrijder op een andere manier te gaan gebruiken. Niet om gewone automobilisten klaar te stomen voor rally’s, maar om ze betere chauffeurs te maken dan ze op dat moment waren.

Sneeuw is de meest gevoelige ondergrond, waarop je echt leert wat een auto kan, en op welk moment je de controle verliest. Daarbij is rijden op een ­bevroren meer heel veilig. Je kunt twaalf keer per dag van de baan raken omdat de sneeuwwallen maar tien centimeter hoog zijn. Je trekt de auto gewoon weer de baan op, en probeert dezelfde fout niet nog eens te maken.

We hebben een speciale school voor grotere voertuigen, zodat we ook taxi-, ambulance- en politiechauffeurs kunnen helpen. Iedere professionele bestuurder moet immers leren om onder winterse omstandigheden te rijden, en er moet dus een plek zijn waar ze een idee krijgen van de wijze waarop die grote, zware voertuigen zich gedragen in de sneeuw en op het ijs.

En als je niet de kans hebt om in Scandinavië te komen oefenen, dan moet je simpelweg je gezonde verstand gebruiken. Is het glad of sneeuwt het, dan zul je langzamer moeten rijden en voorzichtiger moeten zijn – iets anders zit er niet op. Er bestaat geen bestuurder, waar ook ter wereld, die op een beijzelde ondergrond op zomerbanden dezelfde snelheid kan handhaven als op een droge weg. Rijd langzamer, rem vroeger en let op het andere verkeer.

Gelukkig heb ik genoeg tijd op het ijs doorgebracht

De winter in Finland duurt zes maanden, dus ik heb altijd veel kunnen ­oefenen op de lokale ijscircuits. Ik woon in feite al op het ijs sinds mijn geboorte, maar ik zou niet met droge ogen willen beweren dat het mijn favoriete ondergrond is om een rally op te rijden. Ik houd namelijk van ieder soort ondergrond. Inmiddels heb ik in zo veel auto’s ijswedstrijden gereden, dat ik het idee heb dat ik al honderd jaar meeloop.

Een paar jaar geleden reed ik de auto waarin Bentley een snelheidsrecord op het ijs zette; 330 km/u, in een Continental GT. Ik durf de stelling wel aan dat dat niet zo makkelijk is als het lijkt. Je moet echt weten hoe grip werkt, en voelen waar je er hoeveel van hebt. IJs is ook nooit mooi glad van oppervlakte – het is altijd hobbelig. Voor je het weet, word je gelanceerd.

We zouden het eerst met een Veyron proberen

Er zijn veel supercars die zelfs op het asfalt niet zo hard rijden. Meer dan 320 km/u is hard, vooral op een bevroren meer, waar je maar 10 tot 15 procent van de grip hebt die je op asfalt hebt. De Bentley was heel geschikt omdat het een zware, heel stabiele auto was, met luchtvering en dikke banden. We ­hebben het ook geprobeerd met een Bugatti Veyron, maar daarvan is de ophanging te hard. IJs is zo hobbelig dat de auto begint te springen en dat je daardoor wielspin krijgt – dan kom je uiteraard nooit op snelheid. Extra vermogen helpt je geen zier als je auto niet met vier wielen op de grond staat.

Juna Kankkunen Bentley Continental (2011)

Echt eng werd het in de Bentley nooit. Op een gegeven moment woei de wind zo hard dat ik volledig zijwaarts ging met 300 km/u, 1,2 kilometer lang. Dat is best een lang stuk om zijwaarts te rijden. Het ging goed, ik hield het gaspedaal gewoon vol ingetrapt en de auto bleef maar gaan. Toen de wind ging liggen, reed de auto weer rechtdoor. Je kunt het vergelijken met een vliegtuig dat moet landen in de wind en scheeftrekt, en pas weer rechttrekt zodra de wielen de grond raken.

Op het asfalt is wind geen probleem, maar op het ijs heb je weinig grip, waardoor je bijna hetzelfde effect krijgt als in de lucht. Maar ik ga het graag opnieuw proberen, want het record is inmiddels gebroken. Ik weet dat ik sneller kan, namelijk. Ik houd altijd een beetje reserve.


preview

Nieuwste van TopGear

Autonieuws