Columns May
James May over de Ferrari 612 Scaglietti
29-09-20091 reactie
Veel ingetogener dan de 612 Scaglietti kunnen ze ‘m bij Ferrari niet maken – geen merchandising, geen machovertoon. Echt een auto voor James, dus…
Ik denk wel eens: de wereld zou een stuk beter af zijn met minder Ferrari. En dan bedoel ik niet de auto’s – daar heb je er toch al niet zoveel van – maar de jasjes, de petjes, de pennen, de radio’s, de tassen, de Maranello-condooms (die heb ik misschien verzonnen), de portefeuilles, de sjaals, de nep-versnellingspoken (‘leuk voor op je bureau’), de beeldjes van de vreugdesprong van Michael Schumacher op het erepodium (die bestaan écht). Je hebt zelfs Ferrari-barbecues.
Vergelijk dat eens met de merchandising van Bristol Cars in Kensington. Bij ‘B isto Cars’, zoals het er vaak in neon boven staat, kun je een Bristol Car kopen – en dat is dat. En dat kan ook alléén als de baas ervan jou ziet zitten.
Intussen hoef je maar achter het stuur van Maranello’s mooiste te kruipen, het in leer gehulde stuur te strelen, naar het levensechte springende paardje op het dashboard te kijken en de geuren op te snuiven van superieure ambachtelijkheid waar deze superauto van doortrokken is, om te beseffen dat de wereld zich werkelijk alles laat aanleunen zolang het maar uit de koker van Scuderia bloody Ferrari komt.
Dat baart me zorgen. Als ik Ferrari rijd, gaan de mensen nog denken dat ik al die spaghetti geloof.
Welnu. Ik heb eerder in de 612 gereden, bij de introductie, maar alleen in achterafstraatjes binnen zinnenprikkelende gehoorafstand van het historische Fiorano, et cetera, et cetera. Maar deze keer had ik er echt een onder mijn kont.
Als ik pietluttig mag zijn – en dat mag volgens mij wel als het om 333.202 euro gaat – bevallen me de schakelaars op het dashboard nog altijd niet, noch de onhandige ventilatieknoppen en het simpele feit dat de benzinemeter uit een verticale rij lichtgevende streepjes bestaat, in plaats van uit een gewoon wijzertje. Elektronica die zover ten zuiden van Stuttgart wordt gemaakt, vertrouw ik sowieso niet.
Daar komt bij dat-ie bij lage snelheden niet lekker rijdt, dat de semi-automatische versnellingsbak in auto-modus niet geweldig is, maar handmatig heel aardig werkt, en dat er een zinloos knopje bij hoort waarmee hij het nog minder goed doet – mocht je daar behoefte aan hebben. Maar veel meer heb ik niet te zeiken. Het is echt een fantastische auto.
Sterker nog, het is mijn favoriete Ferrari. Om te beginnen oogt-ie modern, is-ie ontegenzeggelijk cool en heeft-ie een bekoorlijke naam die het plebs niet kan uitspreken (net zoiets als Belvoir, of Cinquecento). In Scaglietti is de ‘g’ nauwelijks hoorbaar aanwezig. Dat je het even weet. En hij is genoemd naar de godfather van de carrosseriebouwers, en dat is beduidend minder pretentieus dan een auto noemen naar Enzo’s favoriete restaurant.
Het is ook een goeie lobbes, tamelijk fors zonder al te veel ruimte van binnen – maar daar heb ik geen moeite mee. Als ik zoveel voor een auto betaal, heb ik er geen behoefte aan dat iedereen maar denkt dat hij zomaar achterin kan stappen zonder eerst permissie te vragen.
De motor zit voorin (waar hij volgens de aficionadi ook hoort) en het aantal cilinders is een veelvoud van zes (dito). Daar voel ik me lekker bij, dat is net zoiets als weten dat er bier in huis is. Ik voelde me heel zelfvoldaan toen ik me met een 612 tussen het proletarische klatergoud op de snelweg begaf.
Ik dweepte met die auto, alleen ik kon er maar niet de vinger op leggen wáárom ik hem zo geweldig vond. Zeker, het is een snelle auto, maar dat is de Subaru Impreza ook. En hij is rank, maar dat geldt ook voor de Jaguar XK. Elk attribuut van deze auto is elders ook te vinden, maar bij de 612 is het algehele effect gewoon beter.
Na een poosje begon ik te vermoeden wat het was dat me beviel. Om te beginnen, en ook al is de Scaglietti volgens mij een voortreffelijk stukje design, valt hij niemand echt op. Het is gewoon een auto met een lange neus, uitgevoerd in thermosflesblauw.
De motor is magnifiek en voelt aan alsof hij op slagroom rijdt, maar in plaats van het geknetter dat we kennen van de uitlaat van V8-auto’s, komt hier alleen een bescheiden kuchje uit, net zoiets als het ahum van een discrete butler. Ik weet niet of iemand er ooit op gelet heeft, maar van binnen hoor je net genoeg om even een heerlijke huivering te voelen. De motor laat alleen een vertrouwenwekkend geluid horen, geen vulgair gebrul. Terwijl er toch een flinke hoeveelheid kracht onder de motorkap zit. En dáár weer voor – het is een echte GT – heb je een bumper zitten die beduidend eerder op de plaats van bestemming is dan jij.
Dat is het hele punt met deze Ferrari – hij is niet om mee te showen, je hoeft niet alles af te weten van een of andere geweldige inhaalmanoeuvre op een Grand Prix uit 1975, en niets wijst erop dat de man achter het stuur, als hij uitstapt, wel eens een hoed zou kunnen dragen. Dat is een zeldzaamheid bij superauto’s. Dat is volwassen. En dat ben ik toevallig ook. Daarom heb ik het idee dat wij heel goed bij elkaar passen.
Deze maand in TopGear Magazine
Het nieuwste nummer ligt nu in de winkel. Met het laatste nieuws, autotests, achtergronden en uiteraard die drie wijze mannen die ook met hun hoofd boven deze site staan.
Gratis nieuwsbrief
Schrijf je in voor de gratis nieuwsbrief voor het laatste TopGear-nieuws
TopGear op Twitter
We tweeten als een dolle parkiet. Nieuws, dingen, zaken, en meer. Volg ons! Nu!
Video's
De beste video's van TopGear, gesorteerd op seizoen en aflevering. Veel kijkplezier!














1 Reactie
May in een Ferarri?? Ik zie hem alleen in een oude Porsche!