Columns Clarkson

Jeremy Clarkson weet waar het om gaat

Jeremy Clarkson weet waar het om gaat - Foto 1
29-06-20111 reactie
Er was eens een tijd dat topsnelheid ertoe deed. Nu draait alles om pk’s. Onterecht, vindt Jeremy. Er is iets veel belangrijker dan dat.
 
Zoals iedereen weet, wordt de Ferrari 250 GTO alom beschouwd als de beste en belangrijkste Ferrari aller tijden. Helaas kan ik dat niet bevestigen, omdat de omroep BBC en dit tijdschrift samen niet rijk genoeg zijn om de verzekeringspremie op te hoesten die zal worden gevraagd als ik een uurtje achter het stuur kruip.
 
Wat ik echter wel weet, is dat die auto maar 296 pk produceert. Dus. Laten we dit even op de keper beschouwen. De beste auto die ooit is gemaakt in de hele wereldgeschiedenis, heeft minder pk’s – een hele hoop minder, zelfs – dan een flink uit de kluiten gewassen Ford Focus.
 
In de speeltuin waarvoor de woestijn van Katar soms doorgaat, heb je daar natuurlijk niets aan. De beste auto daar is de auto met de meeste pk’s. Pk’s zijn alles. Pk’s zijn de mechanische verbeelding van je scrotum. Hij die er het meest van heeft, is de beste en de sterkste en de mooiste.
 
Vroeger was het de topsnelheid die het verschil maakte – nou ja, om precies te zijn, was het criterium de hoogste snelheid die de meter op je dashboard aangaf. De snelheidsmeter in de Ford van mijn vader liep tot 200 km/u, dus had mijn vader een grotere penis dan de vader van John Forrester, want diens Sunbeam-snelheidsmeter liep maar tot 160. In mijn elf jaar oude hoofd was dat een feit.
 
Het is voor autofabrikanten een uiterst dure aangelegenheid om onderdelen op auto’s te monteren die bestand zijn tegen echt hoge snelheden, en dus zijn de meeste auto’s tegenwoordig begrensd op 250 km/u. Dat betekent dat iedereen een even grote penis heeft. Hetzelfde geldt voor de acceleratie. Ik heb echt jarenlang geloofd dat ik een beter mens was dan mijn beste vriend omdat mijn VW Scirocco in 7,9 seconden van 0 naar 100 ging en zijn Chevette HS er 8,3 seconden over deed. Dezer dagen rijden alle auto’s echter ongehinderd naar 100, ongeveer in de tijd dat je het woord Scirocco kunt zeggen. 0 naar 100 is niet langer relevant. Niet op het schoolplein. Niet in het café. Zelfs niet in Katar. Het doet er niet meer toe. Alles draait om pk’s.
 
De autofabrikanten weten dat, en daarom is er een uitputtingsslag gaande om meer pk’s te persen uit elk type motor. De EU mag zich enorm druk maken om de ijsberen en de ozonlaag, maar hoewel ingenieurs wereldwijd beseffen dat hun volgende motoren alleen maar narcissengeurtjes mogen uitstoten, weten ze ook dat als hun volgende motor niet meer pk’s produceert dan hun vorige motor – die een cocktail van kolen en zuren uitstootte – ze meteen aan de dijk zullen worden gezet.
 
Daarbij moet hun volgende motor meer pk’s hebben dan de gelijkwaardige Audi, die op zijn beurt weer meer pk’s moet hebben dan de gelijkwaardige Mercedes die op zijn beurt weer meer pk’s moet produceren dan de gelijkwaardige BMW en zo voorts, en zo verder. We naderen echter in hoog tempo het moment waarop al deze gekkigheid moet ophouden.
 
Ik zag dat probleem voor het eerst onder ogen toen ik een paar jaar geleden in een door Brabus getunede Mercedes SL reed. Die produceerde dik 730 pk en bijna 1.000 Nm. Dat is het soort getallen dat je penis een winnende lengte zal geven – in elk gezelschap.
 
Helaas zorgen zulke getallen ook voor problemen. De auto was nagenoeg onbestuurbaar. Aanvankelijk dacht ik dat iemand bij Brabus misschien een slechte dag had gehad, en dat de auto simpelweg niet goed doordacht was, maar later probeerde ik de 660 pk sterke, door AMG getunede Mercedes SL Black te rijden. Dat verliep al even beroerd. Het was alsof ik een walvis met een raketmotor probeerde te besturen.
 
Die auto spinde als je er een bocht mee probeerde te nemen en iedere poging om ‘m onder controle te houden door het gaspedaal te gebruiken, was futiel. Het is makkelijker om een krijsende baby op een hockey­stick te laten liggen.
 
Misschien, dacht ik, is het chassis van de SL eenvoudigweg niet in staat om met zulke getallen om te gaan. Dat leek me een plausibele gedachte. Het is tenslotte een auto voor Texaanse tandartsen, en geen auto voor jonge coureurs met stalen zenuwen zoals ik.
 
'Jaguar heeft een stereo van 1.200 Watt. Dat is precies genoeg om je te onthoofden bij een snelheid van 55 km/u'
 
Echter. Recenter testte ik de Ferrari 599 GTO, die eveneens 660 pk heeft. Dat was ook geen succes. En dat terwijl het chassis van de 599 bepaald niet is ontworpen met een Texaanse smoelensmid in gedachten. De 599 werd ontworpen, zoals we allemaal weten, voor de eigenaars van vloerbedekkingsgroothandels in de provincie die graag net doen alsof ze Michael Schumacher zijn.
 
Daarover kan ik je het volgende vertellen: als het zelfs maar dreigt te gaan regenen – zeg binnen een maand – en je doet net alsof je Michael Schumacher bent in een 599 GTO, dan eindig je tegen een boom.
 
Veel pk’s mogen opwindend klinken, maar op de openbare weg heb je een auto nodig die vergevingsgezind is. Daarbij heb je banden nodig die langer dan 25 kilometer goed blijven en wil je geen stuur dat maar een halve slag draait. En als je een auto koopt met 660 pk kun je dat allemaal wel op je buik schrijven.
 
Ja, ik weet dat de Bugatti Veyron prima op de openbare weg te rijden valt en dat ie 1.001 pk heeft. Daarom kost ie ook twee miljoen. Als je echter om jou moverende redenen even geen zin hebt om twee miljoen aan een auto uit te geven, dan is het realistisch om ervan uit te gaan dat je niet meer dan 600 pk zult gaan krijgen. Dat vindt McLaren kennelijk ook, en dat is waarom hun nieuwe auto net onder dat getal blijft, net zoals de Ferrari 458. En alle andere geweldige, nieuwe auto’s.
 
Nu komen we op gevaarlijk terrein, want BMW en Audi en Mercedes verkopen allemaal auto’s die dik 500 pk hebben. Dat impliceert dat ze, als ze doorgaan met concurreren, binnenkort allemaal auto’s zullen verkopen die ruim 600 pk hebben.
 
En dan? Dan plakt iedere makelaar en bankier dus binnenkort tegen een boom of een lantaarnpaal. De Duitsers beseffen dat natuurlijk al, en daarom houden ze inmiddels een wedstrijdje wie de krachtigste stereo weet te installeren. De tussenstand is niet zo gunstig voor hen, want Jaguar voert het klassement aan met 1.200 Watt. Dat is precies genoeg om je te onthoofden bij een snelheid van 55 km/u.
 
Maar we zijn niet echt geïnteresseerd in het volume waarmee we Amy McDonald kunnen draaien als we op weg zijn naar een lunchafspraak. Ze zouden net zo goed kunnen zeggen: ‘Wij hebben meer versnellingen dan zij’.
 
Oh, dat vergat ik even: Lexus doet dat al. Hoe dan ook: we hebben iets nodig om ons mee bezig te houden als het niet langer om pk’s draait, want auto’s met meer dan 600 pk zijn nou eenmaal gevaarlijk. En omdat ze allemaal zijn begrensd op 250 km/u, zijn ze ook volstrekt nutteloos.
 
Decibels zullen het niet worden. Dat chapiter laten we over aan mensen op twee wielen. Een laag gewicht is saai. Daarbij kom je dan uiteindelijk weer uit bij een Citroen AX. Uitstoot? Oh, alsjeblieft zeg. Denk je nou echt dat er ooit een tijd zal komen dat normale mensen tegen elkaar zullen zeggen: ‘De auto van mijn vader stoot minder koolstofdioxide uit dan de auto van jouw vader. Sliep uit’?
 
Nee. Ik denk echter wel dat ik het antwoord heb. De prijs. Jawel. Laten we stoppen aan autofabrikanten te vertellen dat we meer vermogen willen. We hebben al genoeg vermogen. Laten we in plaats daarvan hardop zeggen dat we goedkopere auto’s willen. Want laten we niet vergeten dat de Ferrari 250 GTO destijds een nieuwprijs had van zo’n 12.000 euro.

1 Reactie

maikel
01-07-2011 18:55:33

dat is natuurlijk wel iets om over op te scheppen, ik heb een 500pk auto en ik heb er maar 15.000 euro voor betaald. Dan denken andere mensen van he maar dat wil ik ook, maar dan eigenlijk net wat goedkoper.

Plaats zelf een bericht

Je krijgt automatisch van ons een mailtje met daarin je reactie én een link.
Door op die link te klikken activeer je je bericht op onze site...

Bedankt voor je reactie

Klik op de link die nu naar je gemaild wordt...