Columns Clarkson

Jeremy Clarkson over hobby's en verkeer

Jeremy Clarkson over hobby's en verkeer - Foto 1
26-10-2011reageer
Jeremy heeft deze keer een waterdicht plan bedacht om ons voor eens en voor altijd door de economische malaise te helpen. Codewoord: hobbybelasting.
 
Jarenlang heb ik volgehouden dat de meeste bestuurders in Groot-Brittannië behoorlijk vaardig zijn. De statistieken onderschrijven mijn theorie omdat we, samen met een land als Nederland, de laagste cijfers qua doden en gewonden in het verkeer ter wereld weten te scoren. Maar sinds kort gaat het mis.
 
Natuurlijk zijn de Britten nog niet zo slecht als de Grieken die nog steeds, na eeuwen oefening, niet zeker weten aan welke kant van de weg ze nou eigenlijk moeten rijden; of als de Italianen, die toch precies dezelfde verkeersregels hebben als wij. Alleen vermenigvuldigen ze daar alle getallen op verkeersborden stiekem met tien.
 
Dan zijn er de Portugezen, die autorijden precies even gevaarlijk vinden als het direct injecteren van strychnine in je lever. Als je daar ’s ochtends even naar de bakker rijdt voor een halfje bruin, is de kans exact 100 procent dat je dood thuiskomt.
 
Ik blijf echter volhouden dat de Amerikanen de beroerdste chauffeurs ter wereld zijn, met name vanwege hun oorlogszucht. Bevind je je in de middelste baan van een drukke snelweg, en wil je naar de buitenste baan, dan zal niemand je er ooit tussen laten, ook als het overduidelijk is dat je er gewoon bij de volgende afslag af wilt. Je knippert, je vraagt, je smeekt, en dan, als de uitvoegstrook begint, heb je geen andere keus dan maar gewoon te gaan.
 
Dat zorgt onveranderlijk voor een lawine aan handgebaren, getoeter en lichtsignalen. En dat is precies wat er heden ten dage in Groot-Brittannië aan de hand is.
 
Om het allemaal nog erger te maken, lijkt er niemand meer te zijn die ook maar het geringste benul heeft van snelwegetiquette. Als iemand 120 rijdt, denkt hij dat hij het recht heeft om constant op de linkerbaan te blijven hangen. Je kunt knipperen en toeteren en gekke gezichten trekken wat je wilt, maar ze zullen niet wijken. Ze hebben gewoon niet in de gaten dat ze iets verkeerd doen.
 
Op binnenwegen staat inhalen tegenwoordig zo ongeveer gelijk aan een misdaad die qua zwaarte het midden houdt tussen volkerenmoord en groepsverkrachting. Als je lekker met 70 km/u voort wilt tuffen: ik heb er geen probleem mee. Maar waarom hebben die mensen dan wel een probleem met mij als ik wil passeren? Het is toch niet alsof ik je snijd of je belachelijk maak, dus waarom dat gedoe met lichten en dat gezwaai met vuisten?
 
De problemen zijn overal. Dubbele rotondes in dorpjes worden door mensen zo ingewikkeld gevonden om te nemen dat ze urenlang in een catatonische shock blijven hangen en zich niet meer kunnen bewegen. Mensen gebruiken hun handrem bij stoplichten, zodat ze wanneer het licht op groen springt te laat zijn om nog weg te kunnen rijden. Bij benzinestations kost het mensen een uur om een tank vol te gooien en te betalen, en wat er in dat uur gebeurt, is onverklaarbaar. Op parkeerplaatsen krijgen mensen hun Micra nog niet in een plek waarop ook een tientonner met oplegger zou passen. Maar zo was het allemaal niet. Nooit. Nimmer. Dus wat is er misgelopen?
 
De roddelkrant Daily Mail zou natuurlijk immigranten en allochtonen de schuld geven, met als achterliggende oorzaak dat mensen die hebben leren rijden op een koe en niet eens zouden mogen hopen dat ze zich hun van dagelijkse besognes kunnen kwijten in een Toyota Camry van 300 euro. Maar waar ik woon, zijn helemaal geen immigranten en allochtonen, en toch is het probleem bij mij in de buurt even groot als overal. Dus immigranten en allochtonen zijn niet schuldig.
 
Ouderen, dan? Toegegeven: ja. Mijn moeder vertelt me aan de lopende band verhalen over verscheidene van haar vrienden die het grootste gedeelte van hun resterende levensdagen doorbrengen met het aanrijden van dingen, auto’s en mensen. Maar dan hebben we het over relatief kleine aantallen.
 
Om het probleem bij de wortel te kunnen aanpakken, heb ik getracht te onderzoeken hoe het probleem van dag tot dag verschilt, en zodoende heb ik een theorie kunnen ontwikkelen. Op dinsdagmiddagen gaat alles prima, maar op zaterdagen is het vreselijk. Op Tweede Paasdag is het een nachtmerrie. De ergste dagen zijn dus de dagen waarop mensen hun hobby’s beoefenen.
 
'Als je een parasurfgeval achter je auto hebt hangen, rijd je oplettend en voorzichtig. En voorzichtige, oplettende bestuurders zijn weifelaars'
 
Zoals iedereen weet, zijn hobby’s vrijetijdsbestedingen die worden ondernomen door James May en door mensen die als puber door hun moeders zijn betrapt toen ze met zichzelf speelden. Dus gingen ze maar vissen. Misschien dat je je dat even moet herinneren als je de volgende keer langs een rivieroever loopt. Iedereen die daar met een hengel in zijn hand zit, is ooit door zijn moeder betrapt met een andersoortige hengel in zijn hand.
 
Hoe dan ook: vroeger waren hobby’s eenvoudige zaken die weinig apparatuur vereisten en uitgevoerd konden worden in een schuurtje aan het uiteinde van je tuin. Dat was prima. Zelfgebouwde bolderkarren hebben nog nooit iemand overlast bezorgd. Hetzelfde geldt voor het kweken van peterselie en andere kruiden.
 
Tegenwoordig vereisen hobby’s echter touwen, riemen en helmen. Mensen gaan bergbeklimmen, abseilen, paragliden en parasailen en hiken en surfen en nordicwalken en mountainbiken en kanoën en kajakken en wildwatervaren en indoorskiën en paardrijden en bij al die dingen hebben ze enorm veel materiaal nodig.
 
Dat betekent dat ze aanhangertjes nodig hebben, en imperialen en ski-boxen en dat op zijn beurt betekent weer dat je voorzichtiger en langzamer moet rijden. Als je op weg bent naar je werk op dinsdag, rijd je heel anders dan wanneer je met je knol op weg bent naar gymkhana op een nationale feestdag.
 
Hetzelfde geldt als je als ouderwetse bestuurder even naar de winkel rijdt voor een pak melk. Dat doe je vaardig, geduldig en vlot. Maar als je in het weekeinde naar de zee rijdt om daar te gaan parasurfen, en dat hele geval achter je auto hangt, dan rijd je effectief een voertuig dat even beweeglijk en snel is als een Australische roadtrain. Het maakt je oplettend en voorzichtig. En voorzichtige, oplettende bestuurders zijn weifelaars.
 
Vanochtend nog reed ik even naar de lokale boerderijwinkel en gedurende het acht kilometer lange ritje daarheen, moest ik blijven hangen achter een paardentrailer (met drie knollen erin) en daarna achter iets wat nog het meest weg had van een zuinigheidswedstrijd voor motoren. Het wegennet is dan ineens geen systeem meer van slagaders die het economische bloed van een land moet blijven rondpompen. Het is dan ineens een speelgoedje voor mensen die vroeger de Penthouse bestudeerden.
 
Er is meer ellende. Je kunt niet paragliden in je eigen achtertuin, noch kun je er kajakken of surfen. Al die zaken vereisen gespecialiseerd terrein, en dat gespecialiseerde terrein bevindt zich dikwijls honderden kilometers van je huis. Dus die weifelende, voorzichtige en oplettende mensen zijn overal: ze zijn onderweg vanuit een voorstad naar een woeste rotsformatie of naar open zee, met een auto vol kostbare spullen die stuk zullen gaan als ze van de achterbank af schuiven. Het is net als met een afhaal-Chinees naar huis rijden: er mag niks omvallen.
 
Je kunt nooit echt lekker door rijden, en je raakt zwaar geïrriteerd als iemand je doet remmen, of als je moet sturen. We moeten actie ondernemen, dus. En ik denk het juiste idee te hebben. Hobby’s moeten worden belast naar rato van de grootte die de apparatuur heeft die je ervoor nodig hebt.
 
Dus: mensen die waterkers in hun eigen tuin telen, komen er af met een paar stuivers. Ook puzzelfans en kaartspelers hoeven zich niet direct zorgen te maken: dubbeltjeswerk. Vissen zou op een basistarief worden aangeslagen, tenzij je vist vanaf een twintig meter lange boot met netten en reddingsloepen, want dan ben je flink de lul.
 
Paardrijden zou natuurlijk onbetaalbaar moeten worden. En James May mag alvast weten dat het voor de pret een beetje spelen met zijn vliegtuigje hem in de toekomst een ton per week gaat kosten, tenzij hij besluit op een zomerse dag met dat oude brik boven mijn huis te vliegen, want dan wordt het een miljoen per dag. Plus: ik krijg het recht om hem neer te schieten.
 
Nu ik erover nadenk, weet ik ook ineens hoe deze belasting moet gaan heten. De rukkersbelasting. Ik vermoed dat het een erg populaire belasting zal worden.

Geen reacties

Geen reacties ontvangen op dit bericht.

Plaats zelf een bericht

Je krijgt automatisch van ons een mailtje met daarin je reactie én een link.
Door op die link te klikken activeer je je bericht op onze site...

Bedankt voor je reactie

Klik op de link die nu naar je gemaild wordt...